DE REALITEIT TUSSEN OUDERS EN KINDEREN IS ANDERS
Baby's leven in hun lichaam op het nivo van hun cellen en weefsels en zijn fijngevoelig. Ze beleven alles in het moment zelf. Ze leven in een zijnswereld.
Ouders leven niet in hun lichaam maar in hun denkende en vooral controlerende hoofd. Ze zijn altijd aan het doen. Ze willen de best mogelijke ouder voor hun kinderen zijn. Maar de kloof tussen zijn en doen is heel groot en dit is een shock voor de kleine baby. Ik vertel hier in het kort hoe de verhouding tussen ouder en kind verloopt. Een uitgebreidere beschrijving vind je in mijn gratis e-book: "De invloed van de vroegkinderlijke liefdes en seksuele ontwikkeling op ons volwassen liefdesleven"
HOE LEVEN OUDERS?
Alle volwassen mensen, dus ook ouders leven vanuit dit model:
EEN AANGEPASTE BUITENKANT:
Aan de buitenkant in de ontmoeting met mensen laten ze zich zien zodat ze voor de maatschappij en andere mensen acceptabel zijn. Daarom moeten ze al hun expressies onder controle houden. Ze leven in hun hoofd, hun controle centrum maar verliezen daardoor veel contact met hun diepere gevoelens. Ze beleven alleen nog oppervlakkige gevoelens die van hun denken zijn afgeleid. Ze zijn geen voelende mensen maar denkende mensen die vooral reageren en aandacht geven en krijgen.
EEN ONZICHTBARE BINNENKANT NAAR ANDEREN
Maar mensen kijken elkaar nauwelijks recht in de ogen. Ze laten aan anderen niet zien wat ze binnenin voelen en ervaren. Ze verbergen voor anderen wat ze binnenin beleven, voelen, verlangen of denken.
EEN ONVOELBARE BINNENKANT NAAR ZICHZELF
De meeste mensen zijn bang om zichzelf binnenin te ontmoeten. Als ze alleen zijn, zetten ze radio of televisie op en zitten op internet. Vele mensen vinden het moeilijk om alleen te zijn en zich in hun stilte naar binnen te keren. Ze hebben geleerd om bang te zijn voor hun eigen binnenwereld. Daar hebben ze ook vele redenen voor. In hun binnenkant voelen ze immers alles: hun vreugde, verdriet, pijnen, angsten, boosheid, walging, jalouzie en vele andere gevoelens. Deze zijn allemaal in bepaalde lagen aanwezig, maar daardoor ontdekken ze ook niet wie ze ten diepste zijn. In hun wezen zijn ze liefde, schoonheid, puurheid, onschuld, stroming, kracht, wijsheid en door niet naar Ze zijn bang om al deze onverwerkte troep tegen te komen als ze zich naar binnen keren.
EEN GROTE KLOOF
Tijdens hun leven is er een grote kloof gekomen tussen hun buitenkant en hun binnenkant. Aan de binnenkant is deze kloof afgesloten door dikke pantserlagen. Ze hebben hun lichaamweefsels en orgaansystemen zodanig aangespannen dat deze als het ware harde muren zijn geworden. Deze muren beschermen hen tegen pijn, maar deze muren zorgen er ook voor dat ze niet meer met hun meest kwetsbare gevoelens naar buiten kunnen komen en ook niet meer de meest liefdevolle en kwetsbare gevoelens van anderen kunnen ontvangen. Maar ze hebben ook geleerd om deze innerlijke muren niet meer te voelen. Ze leven immers in hun hoofd.
HOE LEVEN KLEINE KINDEREN?
Kleine kinderen, zeker tot drie jaar, leven nog niet vanuit dit leefmodel. Ze leven vanuit hun natuurlijke model waarmee elk kind geboren wordt. Ze drukken zich vrij uit naar buiten.
Alles wat ze in hun binnenwereld beleven komt spontaan in alle onschuld en openheid naar buiten. Hun binnenkant en buitenkant zijn dezelfde. Ze leven in hun levendig en stromend lichaam dat volop bruist. Ademen, bewegen, uitreiken, dansen, lachen voelt allemaal plezierig en geeft veel genot, ook erotisch genot.
WERELD VAN KLEINE KIND ONTMOET WERELD VAN OUDERS
VERLOOP IN DRIE FASES
I.uitreiken en afgewezen worden Een klein kindje leeft op het nivo van zijn cellen en weefsels. Het voelt zich liefde, levensvreugde, genot, stroming, speelsheid, kracht en vele andere levenskwaliteiten. Het reikt hiermee uit naar zijn ouders vanuit zijn hartje via zijn handen, vanuit zijn bekken via zijn beentjes. Maar zijn ouders kunnen hem hierin niet volledig ontvangen. Zelfs de meest liefdevolle ouders kunnen dit niet. Ouders leven niet in hun lichaam en voelen geen contact in hun weefsels met deze levenskwaliteiten. Zijn weefsels trekken zich met al hun levenskwaliteiten diep terug. Dit terug trekken gaat gepaard met het opbouwen van fysieke spanningslagen.
2 afwijzing gevolgd door zelfafwijzing
Het kleine kind betrekt alles op zichzelf. Hij ontwikkelt ook mentale pantserlagen, overtuigingen waarin hij zichzelf afwijst. Voorbeelden: "ik ben hun liefde niet waard" "ik ben een slecht kind en daarom wijzen ze me af" " "als ik beter mijn best zou doen, zouden ze wel blij zijn met mij". Het kleine kindje besluit onbewust dat er iets mis is met hem en niet met zijn ouders. Hij ziet niet dat hij op het onvermogen van zijn ouders botst. Hij heeft dit onderscheidingsvermogen niet. Hij geeft zichzelf de schuld. Op de afwijzing door zijn ouders, volgt zelfafwijzing.
3 ontwikkelen van aangepaste ego-persoonlijkheid
Het kleine kind kijkt nu naar zijn ouders. Hij tast af wie hij wel en niet mag zijn. Hij past zich aan zodat hij acceptabel is voor zijn ouders. Hij ontwikkelt een gedragsrepertoite en rollen waarmee hij de meeste aandacht kan krijgen. Zo ontwikkelt hij zijn ego persoonlijkheid.
Bij een geintegreerde egopersoonlijkheid blijft hij in zijn lichaam leven. Tussen zijn aangepaste gedrag en zijn weefselbewegingen blijven er verbindingen.
bij een afgesplitste egopersoonlijkheid verliest hij het contact met zijn voelende binnenwereld. Hij gaat in zijn denkende, controlerende hoofd leven. Zijn egopersoonlijkheid, zijn zelfbeeld heeft geen verbinding met zijn innerlijk zelfgevoel en zijn innerlijke eigenwaarde. Dit is wat bij de meeste kinderen gebeurt.
UITREIKEN LANGS DE BOVENKANT EN DE ONDERKANT
Het boven beschreven uitreiken gebeurt met zijn hele lichaam en al zijn zintuigen, maar vooral vanuit zijn hartje en zijn bekken.
De afwijzing van zijn hartje in zijn uitreikend gebaar verloopt op dezelfde manier als hierboven beschreven, maar naar zijn bekken verloopt dit nog heftiger want het taboe op kinderlijke seksuele gevoelens. Daarom beschrijf ik nog eens de drie fases vanuit het bekken.
fase één: Het kleine kindje reikt uit vanuit zijn bekken. Het meest duidelijke is dit in het gebaar waarin het kindje in alle openheid en ontspanning zijn beentjes stevig tegen de buik van zijn ouders aanduwt en wiebelt met zijn bekken. Hij wil in alle onschuld gezien en zich aangeraakt voelen door de buik en de bekken van zijn ouders. Maar ouders kennen dit intense stromende gevoel in hun lichaam en hun bekken niet meer. Ze leven niet meer in hun lichaam. Ze kunnen hun kindje niet helemaal zien en ontvangen in zijn levendigheid en pril genot. Het kind voelt een levenloos onderlichaam bij zijn ouders en voelt zich daarbij afgewezen. Dit doet pijn en het kleine kind voelt hier ook woede over, maar hij is vooral bang.
fase twee: Zijn uitreikende weefsels trekken samen en trekken zich terug. Zijn kleine penisje en teelballen trekken samen en worden gevoelloos. Haar kleine schaamlipjes, vagina en eierstokken trekken ook samen en worden ook gevoelloos. Dit gebeurt allemaal zonder dat ouders dit in de gaten hebben.
Het kleine kindje wijst zijn eigen prille onschuldige genotvolle gevoelens af en installeert onbewust overtuigingen: "ik mag niet genotvol zijn, dan krijg ik geen liefde" "ik ben slecht als ik genotvol ben en mijn ouders wijzen me dan terecht af" "ik ben een slecht kind".
fase drie: hij ontwikkelt een aangepast seksueel ego. Hij gedraagt zich met zijn stromende warmte en genotsgevoelens zoals zijn ouders willen. Veel al betekent dit: ik ben een lief kind en heb totaal geen stromende warme genotvolle gevoelens. Het kleine kind trekt zijn ademhaling uit zijn bekken terug. Dit is de reden waarom de meeste kinderen van drie jaar niet meer tot in hun bekkenbodem ademen. Vele jongens en meisjes leren zich geslachtsloos voelen. Hun geslachtsdelen zijn levenloos en bevroren. Meisjes ervaren vaak een gat onderaan. Ze hebben daar niets. Jongens alleen een penis om te plassen. Het gevolg is dat het kind een pantser ontwikkelt. Voor een uitgebreide beschrijving van deze ontwikkeling in fases, verwijs ik naar mijn gratis e-book: "De negen fases van de vroegkinderlijke seksuele ontwikkeling".
Hier geef ik een beknopte opsomming.
Het kind ontwikkelt een pantser in zijn fysieke lagen, zijn gevoelslagen en zijn mentale lagen.
1. Hij bouwt spanningslagen in alle weefsels van zijn lichaam, in het bijzonder rond zijn hart en zijn geslacht. Deze spanningslagen vormen samen dikke pantserlagen, zoals op onderstaande afbeelding.
Zijn lichaam verandert daardoor van een stromend bruisend en genotvol lichaam in een gepantserd lichaam vol spanningslagen.
Alle weefsellagen in zijn lichaam zijn gepantserd en vormen samen een innerlijke gevangenis, waarin alle niet acceptabele gevoelens, gedachten en overtuigingen verdwijnen.
Zijn innerlijke gevangenis zal na enige jaren een niet meer gevoelde gevangenis worden. Hij voelt dan niet meer dat hij gepantserd leeft. Dit is alleen nog te zien aan zijn oppervlakkig ademend lichaam,zijn verstijfde rug en bekken, zijn harde borstkas, zijn koude handen en voeten, andere koude plekken aan de buitenkant, stramme spieren en veel later zullen deze pantserlagen verharden tot hoge bloeddruk, een gespannen hart, gespannen prostaat, ontstekingen, gezwellen en andere kwalen. Zonder dat er nog enig verband wordt gelegd. .
2. Hij uit alleen nog die gevoelens die toegelaten zijn, de andere verstopt hij achter zijn pantserlagen.
3.Hij bouwt ook mentale pantserlagen op: het zijn beperkende overtuigingen oa dat "hij geen liefde waard is", "een slecht kind is" "met zijn seksuele gevoelens niet aanvaardbaar is" "ik moet me schamen dat ik seksuele gevoelens heb" en vele andere beperkende overtuigingen. Deze beperkende overtuigingen werken zoals een software pakket. Eens deze geinstalleerd zijn, zijn deze overtuigingen dwingend. Hij kan niet meer anders kijken.
Vanuit zijn beperkende overtuigingen ziet hij alleen nog de ervaringen dat niemand blij is met mij. Als mensen wel blij zijn met hem, merkt hij dit niet op, want deze ervaring verdwijnt in de ruis.
zijn leefmodel begint nu sterk te lijken op het leefmodel van zijn ouders. In plaats van uitreiken met wat in hem leeft, gaat hij nu naapen, kopieren en vooral reageren op zijn ouders en zo ontwikkelt hij net zoals zijn ouders een aangepaste buitenkant en gaat vanuit deze buitenkant leven. Na een tijdje weet hij niet meer dat hij afgesloten van zijn eigen innerlijke gevoelens leeft. Als hij als volwassene zelf kinderen krijgt, gebeurt precies weer hetzelfde en herhaalt zich dit drama.
VANUIT DIT LEEFMODEL LEVEN ZIJN OUDERS EN ZO LEVEN NU OOK HUN KINDEREN
ZOWEL IN DE LIEFDE
ALS IN DE SEKSUELE LIEFDE
DIT DRAMA GEVEN WE VANUIT ONWETENDHEID EN ONBEWUSTZIJN HIEROVER VAN GENERATIE OP GENERATIE DOOR
Het is een drama dat we onze diepste gevoelens van liefde en seksuele blijdschap dienen te verstoppen in een innerlijke gevangenis bij die mensen die het meest van ons houden.
Het is een drama dat we een innerlijke gevangenis maken, met dikke tralies, waarin we onze meest liefdevolle en onze meest pijnlijke gevoelens opsluiten, omdat ze niet acceptabel zijn.
Het is een drama dat we na een tijdje ons niet meer bewust zijn dat we een innerlijke gevangenis hebben en denken dat we alleen maar botsen op de beperkingen van de buitenwereld.
Het is een drama dat we dit in onwetendheid van generatie op generatie doorgeven, zonder dat we ons hier bewust van zijn.
HET BESTE DAT OUDERS HUN KINDEREN NU KUNNEN GEVEN
1. Transparant zijn naar hun kinderen door hen te vertellen dat ze in alle expressies van hun kind altijd ee hun kind verwelkomd hebben en afgewezen, zowel in de expressies vanuit hun hart als vanuit hun bekken. Dit geeft hun kinderen de kans hun eigen wonden en pantser te ontdekken en helen.
2. Hun eigen kind wonden en pijnen onder ogen te zien en zichzelf hierin te helen. Hoe meer ouders zich helen, hoe meer ze in hun lichaam gaan leven. Ze leren dan opnieuw hun hele lichaam te bewonen tot op het nivo van hun organen, weefsels en celbewustzijn. Ze krijgen dan opnieuw een stromend lichaam, vol levenslust, genot en stromend seksueel genot. Hun lichaam gaat binnenin opnieuw golven en voelt zich vervuld. Daardoor leven ze niet meer vanuit tekort. ze zijn goed precies zoals ze zijn. Ze zijn tevreden met hun leven en hebben niet meer nodig dan goed voelt. Ze leven vervuld en in overvloed. Dit zijn de ouders die de voorlopers zijn en in staat zullen zijn om hun kinderen te laten openbloeien in wie ze zijn. Op deze manier kan er tussen alle generaties meer openheid en transparantie zijn over alle levensvreugdes en pijnen en stroomt de levensvreugde, verbonden met alles om ons heen.
3. Hun kinderen inzicht geven in de werking van maatschappij matrixen zodat ze daarin niet gevangen raken.
EEN KIND OPVOEDEN OF LATEN OPENBLOEIEN: VERSCHIL
Zelfvertrouwen heeft te maken met vertrouwen in jezelf. Bevorderen we dit het meest door het kind te leren luisteren naar ons of naar zichzelf?
Meer hierover: bij rubriek boeken: "een kind opvoeden of laten openbloeien, een vrije keuze?"
De beleving van mijn ouder-kind relatie is in de loop van mijn leven vele malen veranderd.
Blij met mijn liefdevolle ouders
Ik ben opgegroeid in een typisch Vlaams Katholiek gezin. Het was een warm gezin waarin mijn ouders hun kinderen overbeschermd hebben en waarin ik niet geleerd heb om op een liefdevolle manier ruzie te maken, maar dat besefte ik pas veel later. Mijn vader werkte hard en had twee banen. Hij was weinig aanwezig en ook streng. Hij gaf weinig aandacht aan zijn en mijn gevoelens. Hij was een man van plicht en wilskracht. Over gevoelens en over intimiteit heb ik alles via mijn moeder geleerd. Maar ik zag daar in die tijd geen problemen in en was me totaal niet bewust dat dit schadelijk kon zijn. Ik was een moederskindje. Ze was warm en ik was haar toeverlaat en grote held. Ook dat voelde jarenlang goed. Tot mijn veertigste levensjaar leefde ik dan ook in de overtuiging dat ik in een warm en liefdevol nest was opgevoed. Zelf leefde ik al die jaren in mijn hoofd. Ik was me er niet van bewust wat er zich in mijn lichaamsweefsels afspeelde. Alhoewel als iemand me toen gevraagd had of ik goed in mijn vel zat en me ontspannen voelde, ik volmondig ja zou gezegd hebben. Ik wist niet beter.
In de steek gelaten door liefdeloze ouders
Na een levenscrisis, waarin ik een jaar lang niet meer wist hoe ik kon slikken, ben ik een lichaamsgerichte opleiding gaan volgen. Ik leerde een totaal andere Maarten kennen. Ik begon te voelen in mijn lichaam. Ik ontdekte een stijf en gespannen lichaam, dat alleen maar oppervlakkig ademde. Ik ontdekte mijn lichaamsgeschiedenis van in mijn prille kinderjaren. Daar begon ik te voelen dat ik in mijn meest elementaire liefdesbehoeften door mijn ouders niet gezien ben geweest. Mijn ouders waren niet liefdevol geweest, maar integendeel liefdeloos. Ik werd boos en verdrietig over zoveel verwaarlozing. Ik voelde me boos naar mijn ouders over het onrecht dat ze me hebben aangedaan en verweet mezelf dat ik die schade niet eerder gevoeld had. De schade in mijn lichaamsweefsels scheurde steeds meer open en de verwijten naar mijn ouders werden steeds groter. Ik leefde in de veronderstelling dat de meeste mensen wel echt liefdevolle ouders hadden gehad. Alleen ik had zulke liefdeloze ouders. Ik veronderstelde dat het specifiek mijn ouders waren die me zo beschadigd hadden en dat de meeste andere kinderen die schade niet hadden opgelopen.
Alle ouders zijn liefdevol en liefdeloos
Mijn medestudenten, collega’s, clienten en mijn vrienden hoorde ik ook vertellen over allerlei gemis, pijn, verdriet en boosheid in hun jonge kinderjaren. Geleidelijk ging ik beseffen dat ik niemand kende die zich niet door zijn ouders verwaarloosd en in de steek gelaten heeft gevoeld. Het duurde lang eer ik besefte dat alle kinderen in hun meest essentiele behoeften door hun ouders in de steek zijn gelaten. In de meeste boeken en opleidingen wordt er gesproken over liefdevolle en liefdeloze ouders. Ze suggereerden dat er kinderen waren die wel de liefde en waardering van hun ouders hadden gekregen zoals ze deze nodig hadden. Dit was in tegenspraak met mijn eigen ervaring. Iedereen die ik kende en na een hele tijd opnieuw in zijn lichaam is gaan wonen, heeft zich in zijn prille kinderjaren miskend gevoeld door zijn ouders. Het diepe besef dat elke ouder een liefdevolle en een liefdeloze ouder is, kwam er door het lezen van het boek: “OMGAAN MET JE SCHADUW van Connie Zweig en Steve Wolf waarin letterlijk deze realiteit van elke ouder en elk kind beschreven staat. Ik citeer P 74 “We worden geboren in het gezin, omsloten door het gezin, gevoed door het gezin en gekoesterd door het gezin. Maar we worden tevens verwaarloosd door het gezin, verraden door het gezin en zijn getuige van geweld binnen het gezin”
Bij het lezen voelde ik in mijn weefsels een diepe trilling van erkenning van wat ik zelf diep van binnen voel. Dit voelde voor mij als een grote opluchting zowel naar mijn eigen ouders als naar mijn eigen kinderen. Want alhoewel ik als vader het beste heb gegeven wat ik kon geven, ben ik in de loop van al die jaren ook gaan beseffen dat ik mijn kinderen op mijn beurt ook in hun meest essentiële verlangens niet heb gezien. Ik heb ze gekwetst en afgewezen in hun liefdesverlangens en in hun prille seksuele gevoelens. Ik besefte dat wat ik mijn ouders jarenlang heb verweten, ik herhaald heb naar mijn kinderen.
De sleutel: ouders die niet of wel in hun lichaam leven.
Ik werd zeer nieuwsgierig naar het mechanisme dat er voor zorgt dat deze verwaarlozing zich van generatie op generatie herhaalt, los van de specifieke geschiedenis van vreugde en pijn in elk gezin. Ik ontdekte dat ouders die niet in hun lichaam leven kinderen die wel nog in hun lichaam leven, niet kunnen zien in hun noden en deze noden nooit kunnen vervullen. De sleutel is: leven ouders in hun lichaam terwijl ze hun kind opvoeden? Als ze niet in hun lichaam leven, zijn ze niet in staat om hun kinderen die wel in hun lichaam leven in hun liefdes en prille seksuele behoeften te zien. Ze zijn daar gewoon niet toe in staat, ook al doen ze nog zo hun best om de meest liefdevolle ouders te zijn. Ik zie in mijn onmiddellijke omgeving hetzelfde gebeuren bij de huidige generatie ouders. Ik zie hen op een zeer liefdevolle manier aandacht aan hun kinderen geven, maar ook zij leven niet in hun lichaam. Integendeel, ze zijn een heel andere weg opgegaan. Zij zijn ouders die zoals vele ouders van deze generatie, zich het gedachtengoed van het positieve denken hebben eigengemaakt. Als ze maar positief denken, hoeven ze geen aandacht te geven aan hun pijnlijke en verdrietige gevoelens, zeker niet aan de gevoelens van het verleden. Ze slagen erin volgens de best mogelijke mentale versie van zichzelf te leven. Ze hebben een zelfbeeld gecreëerd zoals ze willen zijn en zo trachten ze ook te leven. Dat ze daarbij vele gevoelens negeren, vooral de pijnlijke en verdrietige dat hebben ze niet in de gaten. Ik zie dat de kinderen van deze ouders hier onder lijden. Ze voelen zich niet gezien in hun diepste gevoelens. Ze hebben ouders die op hun mobieltje scrollen of met hun aandacht in hun hoofd aanwezig zijn, terwijl ze borstvoeding geven of hun kind aanraken. Maar kleine kinderen voelen een groot verschil tussen ouders die hen aanraken en zelf ook in hun lichaam aanwezig zijn of ouders die in hun hoofd aanwezig zijn. Dit kan niet anders: kinderen voelen alles, terwijl hun ouders altijd druk doende zijn. .Omdat de huidige ouders niet in hun lichaam leven, kunnen ze hun kinderen ook niet zien in hun diepste hartsgevoelens en prille seksuele gevoelens. Op deze manier beschadigen de huidige ouders, vanuit onwetendheid op hun beurt hun kinderen. De kans is groot dat deze op hun beurt over dertig jaar zullen ontdekken dat ze in hun echte weefselbehoeften van hun hart en hun bekken niet zijn gezien, maar afgewezen, in bezit genomen of overvraagd. Het is pijnlijk om te zien dat dit patroon zich van generatie op generatie blijft herhalen, alleen maar uit onwetendheid. Tot zolang ouders niet in hun lichaam leven omdat de maatschappij matrix hen zo geprogrammeerd heeft. zal dit zo blijven. Daarom vind ik het zo belangrijk om deze inzichten en deze boodschappen van liefde via mijn website te verspreiden.
ALS OUDERS DE MOED HEBBEN OM HUN EIGEN WONDEN TE HELEN, GEVEN ZE DEZE NIET MEER DOOR AAN HUN KINDEREN. ZE DOORBREKEN DAARMEE HE T EEUWENOUDE DOORGEVEN VAN TRAUMA VAN GENERATIE TOT GENERATIE EN STOPPEN DIT VOORGOED.
Het goede nieuws is echter dat we als ouders ook de mogelijkheid hebben om voor eens en altijd dit patroon te stoppen door wel de moed te hebben om onze eigen wonden te helen. Ouders die hun wonden helen, zullen immers hun kinderen steunen om vanuit hun heelheid in hun lichaam te blijven leven.
Het is geen gemakkelijke opgave voor ouders. Maar als ze hierin slagen om in hun lichaam te gaan wonen en hun diepste weefselwonden te helen, zullen ze hun trauma’s niet meer doorgeven aan hun kinderen en hun kleinkinderen en aan alle kinderen die daarna komen. Alleen op deze manier wordt een zeer belangrijke keten van trauma doorbroken.
DIT IS HET GROOTSTE GESCHENK DAT OUDERS AAN HUN KINDEREN KUNNEN GEVEN.